Groninger Belang in verzet tegen windmolens op de zeedijk bij Eems-Dollard

Groninger Belang in verzet tegen windmolens op de zeedijk bij Eems-Dollard

De Statenfractie van Groninger Belang heeft met schrik kennis genomen van het onzalige plan van Waterschap Hunze en Aa’s om in samenwerking met RWE Windpower vier grote windmolens te realiseren op de zeedijk bij de Eems-Dollard. Statenlid Petra Blink: “Groninger Belang snapt dat er gewerkt moet worden aan de energietransitie. Maar om daarvoor een belangrijk stuk Groninger landschap op te offeren, door windmolens te bouwen aan uitgerekend de rand van werelderfgoed De Wadden, is voor onze fractie een -hele grote- stap te ver. Wij zullen ons dan ook verzetten tegen de plannen van Waterschap Hunze en Aa’s en RWE Windpower.”

Woensdag 9 december heeft het algemeen bestuur van Waterschap Hunze en Aa’s ingestemd met de ondertekening van een intentieverklaring met RWE Windpower. RWE Windpower kan door deze intentieverklaring een verzoek indienen bij de provincie Groningen om te mogen bouwen op de zeedijk. Hierdoor wordt de weg geplaveid om natuur en landschap te vernietigen in ruil voor windmolens.

Groninger Belang in verweer
Blink: “Het Groninger Landschap, de Waddenvereniging en bewonersorganisaties zijn al in verweer gekomen tegen deze plannen. Dat is voor onze fractie een belangrijk signaal. Wij sluiten ons aan bij de bezwaren die deze organisaties hebben en zullen ons in Provinciale Staten hard maken om dit voornemen van tafel te krijgen.”

Provinciale Staten hebben het laatste woord
En dat kan, stelt Blink. “De samenwerking tussen het waterschap en RWE is stap 1. Maar uiteindelijk bepaalt de provincie of deze windmolens wel of niet gebouwd mogen worden. Voor Groninger Belang is het duidelijk; deze windmolens mogen nooit op deze plek gerealiseerd worden. Dat kunnen we de natuur, het landschap én de omwonenden niet aandoen.” De Statenfractie van Groninger Belang zal dit ook aankaarten in een debat over dit onderwerp in Provinciale Staten. Want uiteindelijk hebben de Staten het laatste woord, alvorens het provinciebestuur een besluit neemt.